Meta description: Onderzoek naar de factoren die klimvallen beïnvloeden: valfactor, touwrek, zekeringsmethoden en gewichtsverschil. Leer hoe je veiliger kunt klimmen.
Wat bepaalt hoe hard een klimval aankomt? Ontdek de cruciale factoren – van valhoogte tot materiaalgebruik – en leer hoe je veiliger klimt!
Klimmen brengt inherente risico’s met zich mee, waarbij vallen een onvermijdelijke realiteit is bij het sportklimmen. Recent onderzoek heeft aangetoond dat verschillende factoren een significante invloed hebben op de hardheid en veiligheid van klimvallen. Deze studie analyseert de wetenschappelijke aspecten achter valincidenten en biedt praktische inzichten voor klimmer en zekeraar.
Inhoudsopgave

- Wat is de Valfactor?
- Touwtype en Elasticiteit
- Zekeringsmethoden en -apparaten
- Gewichtsverschil tussen Klimmer en Zekeraar
- Wrijving in het Zekeringsysteem
- Dynamisch versus Actief Zekeren
- Praktische Aanbevelingen voor Veilig Klimmen
- Conclusie
Wat is de Valfactor?

De valfactor vormt de hoeksteen voor het begrijpen van klimvallen en is essentieel voor elke klimmer die veilig wil klimmen. De valfactor wordt berekend door de valhoogte te delen door de lengte van het uitgegeven touw vanaf het zekeringsapparaat. Deze berekening geeft een dimensieloos getal dat de ‘hardheid’ van een val aangeeft.
Bij het rotsklimmen kan de maximale valfactor theoretisch 2 bedragen, wat alleen voorkomt wanneer een klimmer direct vanaf een standplaats valt zonder tussenliggende zekeringen. In de praktijk liggen de meeste valfactoren tussen 0,3 en 0,6, mits er goed wordt gezekerd. Een valfactor van 2 betekent dat een klimmer twee keer de lengte van het uitgegeven touw valt.
De valfactor heeft een directe invloed op de vangstootkracht die wordt uitgeoefend op zowel de klimmer als het zekeringsysteem. Hoe hoger de valfactor, hoe groter de kracht die vrijkomt tijdens de val. Deze kracht wordt berekend volgens de formule waarbij de massa van de klimmer, zwaartekrachtversnelling, elasticiteitsmodule van het touw, touwdoorsnede en valfactor allemaal een rol spelen.
Een belangrijk inzicht is dat de valfactor niet verandert als je zowel de valhoogte als de lengte van het uitgegeven touw proportioneel vergroot of verkleint. Dit betekent dat een val van 4 meter bij 2 meter uitgegeven touw dezelfde valfactor heeft als een val van 8 meter bij 4 meter uitgegeven touw.
Touwtype en Elasticiteit
Het type touw speelt een cruciale rol in het opvangen van valenergie. Dynamische touwen zijn specifiek ontworpen voor klimtoepassingen en kunnen tot 40% uitrekken wanneer ze belast worden door een val. Deze elasticiteit is essentieel omdat het de valenergie van een vallende klimmer over een groot en gelijkmatig traject uitspreidt, waardoor deze nooit een gevaarlijk grote schokbelasting hoeft te ondergaan.
Moderne klimtouwen bestaan uit twee hoofdcomponenten: de kern en de mantel. De kern draagt de belasting en absorbeert de valenergie, terwijl de mantel de kern beschermt tegen externe schade zoals scherpe rotsen, slijtage en UV-straling. De verhouding tussen mantel en kern verschilt per touw en bepaalt mede de eigenschappen van het touw.
Er zijn strikte normen voor de elasticiteit van klimtouwen, waarbij wordt getest hoeveel langer het touw wordt onder verschillende belastingen. Deze tests worden zowel statisch uitgevoerd (waarbij een standaardpersoon van 80 kilo aan het touw hangt) als dynamisch (door de verlenging te meten na de eerste val in het laboratorium).
Statische en semi-statische touwen hebben daarentegen slechts een fractie van de rek die een normaal klimtouw heeft en zijn daarom niet geschikt voor het opvangen van vallende klimmers. Deze touwen worden gebruikt voor specifieke toepassingen zoals abseilen en stijgen, waarbij minimale rek gewenst is.
Zekeringsmethoden en -apparaten
Het type zekeringsapparaat en de gehanteerde zekeringsmethode hebben een significante invloed op de uitkomst van een val. Er zijn in essentie twee hoofdtypen zekeringsapparaten: tuberachtigen en halfautomaten.
Tuberachtigen werken volgens het principe dat wrijving ontstaat tussen het touw en het aluminium van de karabiner, evenals door vervorming van het touw. Moderne tubers hebben V-vormige groeven die de remwerking vergroten. Het belangrijkste nadeel van tubers is dat de remwerking volledig afhankelijk is van de handkracht van de gebruiker. Wanneer de zekeraar om welke reden dan ook loslaat, is er geen back-up systeem.
Halfautomaten bieden een betrouwbare back-up die het touw blokkeert als de zekeraar even niet oplet, wegdroomt of struikelt. Deze apparaten hebben zich in de afgelopen 25 jaar bewezen in de praktijk. Er zijn echter wel specifieke bedieningsfouten mogelijk, zoals het vergeten om de karabiner door beide gaten te steken of het volledig opentrekken van de hendel bij het laten zakken.
Onderzoek toont aan dat halfautomaten significant veiliger zijn voor het zekeren van voorklimmers, terwijl bij toprope klimmen de voordelen minder uitgesproken zijn omdat de krachten bij een val geringer zijn.
Gewichtsverschil tussen Klimmer en Zekeraar
Het gewichtsverschil tussen klimmer en zekeraar vormt een kritieke veiligheidsfactor die vaak wordt onderschat. Hoe groter het gewicht van de klimmer ten opzichte van de zekeraar, hoe groter de kans dat de zekeraar bij een val de controle verliest en het touw loslaat.
Over het algemeen wordt 30% als grens gehanteerd voor wat een aanvaardbaar gewichtsverschil is. Bij een groter verschil wordt de kans op problemen zo groot dat er maatregelen moeten worden getroffen. Deze problemen ontstaan niet alleen doordat de zekeraar van de voeten wordt getrokken, maar ook omdat de handkracht van een lichte zekeraar relatief gering is in verhouding tot de kracht die deze moet houden.
Het gaat hierbij om procentuele verschillen, niet om absolute waarden. Een ervaren zekeraar met voldoende handkracht kan de grens op eigen risico oprekken, maar onervaren en beginnende zekeraars moeten extra voorzichtig zijn. Bij voorklimmen kan het zowel problematisch zijn als de klimmer zwaarder is als wanneer de klimmer fors lichter is, terwijl bij toprope klimmen alleen een zwaardere klimmer problematisch is.
Wrijving in het Zekeringsysteem
Wrijving speelt een fundamentele rol in het zekeringsproces en bepaalt mede hoe effectief een val kan worden opgevangen. Wrijving ontstaat wanneer twee oppervlakten over elkaar schuiven en neemt toe naarmate de oppervlakten harder op elkaar drukken en het contactoppervlak groter wordt.
Tijdens het zekeren ontstaat wrijving door het touw in krappe bochten te laten lopen door het zekeringsapparaat. Hoe krapper de bocht, hoe harder het touw tegen het zekeringsapparaat aanloopt en hoe meer wrijving er ontstaat. Deze wrijving komt niet alleen voor in zekeringsapparaten, maar ook in setjes, karabiners en in de handen van de zekeraar zelf.
Het probleem bij ongecontroleerde wrijving is dat een touw dat heel snel door de hand van een zekeraar beweegt, brandwonden kan veroorzaken. Dit onderstreept het belang van het dragen van zekerhandschoenen en het gebruik van de juiste zekeringstechniek.
Dynamisch versus Actief Zekeren
Een veel besproken onderwerp in de klimwereld is het verschil tussen dynamisch en actief zekeren. Dynamisch zekeren betekent traditioneel dat de zekeraar doelbewust extra touw uitgeeft op het moment dat de klimmer wordt afgeremd door het steeds strakker staande touw.
Onderzoek van de Universiteit van Amsterdam, waarbij klimmers en zekeraars werden voorzien van versnellingssensoren, toont echter aan dat de term “dynamisch zekeren” mogelijk verwarrend is. Het onderzoek onderschrijft dat er vaak te simpel wordt gesteld dat een zekeraar bij een val dynamisch moet zekeren.
Actief zekeren blijkt een meer accurate term te zijn. Dit houdt in dat de zekeraar actief touw meegeeft tijdens de afremfase van een val, maar niet door het touw door het zekeringsapparaat te laten slippen, maar door beweging van het lichaam. Door gelijktijdig met het touw uitgeven ook een stap naar voren te zetten of zich een klein stukje naar boven te laten trekken, kan de zekeraar extra touw beschikbaar maken.
Een lichte zekeraar komt vaak automatisch los van de grond tijdens een val, wat automatisch het effect geeft dat er juist op het moment dat het nodig is, meer touw beschikbaar komt. Dit natuurlijke proces kan effectiever zijn dan geforceerd touw laten slippen.
Praktische Aanbevelingen voor Veilig Klimmen

Op basis van wetenschappelijk onderzoek en praktijkervaring kunnen verschillende concrete aanbevelingen worden gedaan voor veiliger klimmen:
Voor het minimaliseren van de valfactor:
- Pik altijd alle tussenzekeringen in tijdens het voorklimmen
- Houd de valfactor zo laag mogelijk door regelmatig zekeringen te plaatsen
- Besef dat hoger in een route de valfactor afneemt naarmate er meer touw beschikbaar is
Voor de keuze van materiaal:
- Gebruik altijd dynamische touwen voor het voorklimmen
- Kies voor een touwdiameter tussen 9,8 en 10,2 mm als allrounder
- Overweeg halfautomaten voor extra veiligheid bij het zekeren van voorklimmers
Voor zekeringstechniek:
- Let op gewichtsverschillen en neem maatregelen bij meer dan 30% verschil
- Draag altijd zekerhandschoenen om brandwonden te voorkomen
- Oefen regelmatig met valoefeningen in gecontroleerde omstandigheden
- Focus op actief zekeren in plaats van passief touw laten slippen
Voor risicomanagement:
- Voer altijd een partnercorrectie uit voor het beginnen met klimmen
- Wees extra voorzichtig in het begin van routes waar de valfactor hoger is
- Let op omgevingsfactoren die de wrijving kunnen beïnvloeden
Externe bronnen voor verdere informatie
Voor wie zich verder wil verdiepen in de wetenschappelijke aspecten van klimvallen, zijn er verschillende waardevolle bronnen beschikbaar. Het Duitse Alpenverein (DAV) publiceert regelmatig onderzoek naar klimveiligheid. Ook Petzl’s technische documentatie biedt diepgaande informatie over zekeringsapparaten en hun werking.
Voor Nederlandse klimmers biedt de NKBV (Nederlandse Klim- en Bergsport Vereniging) uitgebreide cursussen en informatie over veilige klimtechnieken. Hun kenniscentrum bevat veel praktische informatie over materiaal en technieken.
Conclusie
Het begrijpen van de factoren die klimvallen beïnvloeden is essentieel voor elke klimmer die veilig wil klimmen. De valfactor vormt de basis voor het inschatten van de krachten die vrijkomen bij een val, terwijl het type touw, zekeringsapparaat en zekeringstechniek allemaal bijdragen aan de uiteindelijke uitkomst van een val.
Moderne klimuitrusting is geëvolueerd tot een hoog niveau van veiligheid, maar de menselijke factor blijft cruciaal. Door bewust om te gaan met gewichtsverschillen, de juiste zekeringstechniek toe te passen en regelmatig te oefenen met valsituaties, kunnen klimmers het risico op ongevallen significant reduceren.
De ontwikkeling van halfautomatische zekeringsapparaten heeft de veiligheid van het voorklimmen aanzienlijk verbeterd, maar vereist wel specifieke kennis over de juiste bediening. Het concept van actief zekeren biedt een meer nuanceerde benadering dan het traditionele dynamische zekeren en sluit beter aan bij de fysieke realiteit van valsituaties.
Uiteindelijk blijft klimmen een risicosport waarbij constante alertheid en voortdurende educatie essentieel zijn. Door de wetenschappelijke inzichten toe te passen in de praktijk, kunnen klimmers genieten van hun sport met een gerust hart over hun veiligheid.

